XII Appingedam

99. Ekenstein

100. Huis te Lellens

101. Scheltkema-Nijenstein

 

Dit kleiweidegebied in het noordoosten van Groningen is van oudsher relatief dunbevolkt. In deze regio ontwikkelden gehuchten langs waterwegen, bijvoorbeeld langs het Damsterdiep dat voor een verbinding tussen Groningen en Delfzijl zorgde. Vanwege deze belangrijke verbindingsweg naar Groningen werden op diverse plaatsen borgen en voorname huizen gebouwd. Ekenstein bij Tjamsweer is hier een voorbeeld van. Voor Ekenstein maakte Roodbaard al omstreeks 1821 een eerste ontwerp, waarbij zijn ontwerpstijl overeenkomt met die van Stania State. In 1827 maakte hij een tweede ontwerp met een meer frivole uitstraling.
In het op kleilandschap is een patroon van wijdverspreide nederzettingen zichtbaar. Een aantal nederzettingen groeide in de achttiende en negentiende eeuw uit tot grotere plaatsen. Het overige deel bleef relatief klein van omvang. Verspreid over deze nederzettingen werden door de Groninger adel borgen gesticht. Negentiende-eeuwse kaarten tonen aan dat ook deze borgen werden aangepast aan de landschappelijke stijl, bijvoorbeeld Huis te Lellens, in eigendom van Hendrik Louis Wijchgel van Lellens en Hermanna van Gesseler (zus van Roodbaards werk-gever in 1807) en Scheltkema-Nijenstein, in bezit van Josina Petronella Alberda van Vennebroek (weduwe van Gerhard Lewe).
Een groot aantal van deze borgen is in de negentiende eeuw gesloopt.

« vorige pagina